Belasting

 

Tips voor 2008


1. Winstbelasting gaat opnieuw omlaag
De vennootschapsbelasting gaat per 1 januari voor het vierde jaar op rij omlaag. De eerste tariefschijf van 20% wordt verlengd van 25.000 tot 40.000 euro, de tweede schijf krijgt een tarief van 23% (dat is in 2007 23,5%) en die schijf wordt verlengd tot maar liefst 200.000. Het algemene tarief blijft 25,5%; dat tarief gaat gelden vanaf een winstniveau van meer dan 200.000 euro.Door deze tariefsverlaging daalt de belastingdruk (incl. de aanmerkelijk belangheffing) op winsten uit de bv tot 200.000 tot 41,8%. In de inkomstenbelasting vinden géén tariefsaanpassingen per 2008 plaats; de MKB-winstvrijstelling blijft gehandhaafd op 10% van de winst uit onderneming.

Deze ontwikkeling leidt tot een verdere verschuiving van de belastingdruk in het voordeel van ondernemers met een bv. Dat kan betekenen dat de rechtsvorm van de onderneming opnieuw in overweging moet worden genomen. Ondernemers zouden zich verder moeten afvragen of de fiscale eenheid waarbinnen ze opereren niet moet worden ontbonden en vervangen door apart belastingplichtige bv's.

2. Snel een nieuwe auto kopen?
Wie komend jaar een nieuwe auto wil kopen, moet een aantal zaken tegen elkaar afwegen. Bij aanschaf van een nieuwe auto ná 1 februari 2008 is minder bpm-belasting verschuldigd. Per februari 2008 gaat de bpm met circa 6% omlaag. Maar die korting wordt volledig gecompenseerd door een navenante verhoging van de Motorrijtuigenbelasting (mrb). Deze verschuiving is budgettair neutraal. Dat geldt natuurlijk niet voor de automobilist die nog voor 1 februari 2008 een nieuwe auto koopt. Die mag bij de aankoop van zijn auto nog de volle bpm betalen én vanaf 1 februari 2008 ook de hogere mrb.

De verschuiving van de bpm naar de mrb geldt niet voor bestelauto's van gehandicapten. De hoogte van bpm hangt al jaren mede af van de energiezuinigheid van de auto. De bonus voor zeer zuinige auto's (label A) gaat komend jaar omhoog van 1.000 naar 1.400 euro, de 'boete' voor zeer onzuinige auto's (label G) wordt verhoogd van 540 naar 1.600 euro. Daarmee komt het verschil tussen de maximale bonus en malus uit op 3.000 euro. Voor dieselpersonenauto's wordt een differentiatie naar de uitstoot van fijnstof ingevoerd. Een dieselauto met een uitstoot van 0 milligram per kilometer krijgt een bpm-korting van 1.000 euro, voor elke milligram uitstoot neemt de korting met 200 euro af. Bij 5 milligram uitstoot vervalt de korting, vanaf 6 milligram uitstoot geldt een toeslag van 200 euro per milligram uitstoot. Op grond van Europese richtlijnen mag een nieuwe dieselauto niet meer fijn stof uitstoten dan 25 milligram per kilometer. Tanken wordt ook duurder. Milieuonvriendelijke brandstoffen worden duurder. De accijns op rode en blanke diesel gaat per 1 juli 2008 met 3 cent per liter omhoog, en per 1 januari 2009 met nog eens 1 cent. De accijns op lpg wordt ook verhoogd: per 1 juli 2008 met 1,5 cent per liter en per 1 januari 2009 met 1 cent.




3. Bijtelling omhoog; de auto van de zaak duurder
De bijtelling privé-gebruik auto wordt per 1 januari 2008 verhoogd van 22% naar 25% van de cataloguswaarde van de auto. Voor zuinige, milieuvriendelijke auto's komt er een specifieke regeling: voor deze auto's gaat de bijtelling van 25% omlaag naar 14% van de cataloguswaarde van de auto. Vereist is dat de auto een beperkte CO2-uitstoot heeft. De grens is voor auto's met een dieselmotor (maximaal) 95 gram CO2-uitstoot per kilometer, voor auto's die niet op diesel rijden is dat maximaal 110 gram. Hieronder vallen personenauto's als de Toyota Prius, de Toyota Aygo, de Citroën C1 en de Peugeot 107. De differentiatie in de bijtelling voor de auto van de zaak geldt voor werknemers én voor IB-ondernemers. De regeling maakt deel uit van het pakket automaatregelen dat er op gericht is om de aankoop en het gebruik van vuile, energie-onzuinige auto's zwaarder te belasten, en tegelijkertijd de aankoop en het gebruik van energiezuinige auto's te stimuleren. De verhoging van de bijtelling voor privé-gebruik roept de vraag op of een auto van de zaak nog wel gewenst is of dat beter privé tegen kilometervergoeding gereden kan worden.




4. Zonder afrekening naar een nieuwe onderneming
Wie met zijn onderneming stopt moet afrekenen met de fiscus. Vanaf 1 januari 2008 komt hierin verandering. Een ondernemer kan vanuit de ene onderneming zonder fiscale afrekening een andere onderneming starten. De doorschuifregeling voor stakingswinst - die nu slechts van toepassing is als de ondernemer zijn onderneming moet staken tengevolge van overheidsingrijpen - kan vanaf 1 januari 2008 in alle gevallen worden toegepast. De ondernemer kan de winst bij staking van zijn onderneming belastingvrij reserveren en die vervolgens afboeken op daarvoor in aanmerking komende investeringen in een nieuwe onderneming. Die herinvestering moet dan wel (in beginsel) binnen één jaar na de staking van de onderneming plaatsvinden.




5. Vrijgestelde beleggingsinstelling (VBI)
Deze nieuwe regeling is onder meer interessant voor ondernemers die stoppen met hun bedrijf (of het hebben verkocht) en het nodige geld in hun bv overhouden. De bv. kan dan gaan fungeren als beleggingsvennootschap. De nieuwe spelregels zijn van toepassing op boekjaren die beginnen na 1 augustus 2007. De bv zal wel moeten worden omgezet in een nv en deze nv kan, onder bepaalde voorwaarden, de status van VBI aanvragen. Zodra die is afgegeven, geldt voor de VBI een vrijstelling van vennootschapsbelasting. De VBI heeft geen recht op teruggaaf van ingehouden dividendbelasting op ontvangen dividenden. De dividenden die zij zelf uitkeert aan haar deelnemers, zijn vrijgesteld van inhouding van dividendbelasting. Afhankelijk van de hoedanigheid van de deelnemer in de VBI wordt de deelnemer belast in box 1, 2 of 3, dan wel in de vennootschapsbelasting.




6. Banksparen voor pensioen of hypotheekaflossing
Met ingang van 2008 kan met belastingvoordeel ook via bankproducten worden gespaard voor de oude dag en de aflossing van de hypotheek. Dan bestaat namelijk de mogelijkheid om via stortingen op een geblokkeerde spaarrekening of beleggingsrecht een kapitaal op te bouwen waarvoor op een later tijdstip een recht op periodieke uitkeringen (lijfrente) kan worden aangekocht. Daarnaast wordt de huidige mogelijkheid om via een kapitaalverzekering eigen woning (KEW) te sparen voor de aflossing van de eigenwoningschuld, uitgebreid met de mogelijkheid om via een geblokkeerde spaarrekening voor die aflossing te sparen. De belastingvrijstelling voor kapitaalverzekeringen eigen woning gaat ook voor de spaarrekening eigen woning (SEW) gelden. Interessante opties die zeker aandacht verdienen.




7. Afschaffing inhouding loonheffing voor dga uitgesteld
De maatregel waarbij vennootschappen, met één of meerdere dga's als werk-nemer, worden vrijgesteld van loonheffing, zal een jaar worden uitgesteld. De staatssecretaris komt tot dit uitstel na kritiek van belastingadviseurs, accountants en werkgeversorganisaties. Alle dga's blijven nu in 2008 in de loonheffing. De Belastingdienst heeft de reeds ingezette activiteiten om dga's per 1 januari naar de inkomstenbelasting over te brengen beëindigd. Dat betekent dat formulieren Opgaafbeëindiging inhoudingsplicht niet in behandeling worden genomen. De in oktober door de Belastingdienst verzonden schattingsformulieren hoeven niet te worden teruggestuurd. Indien reeds hogere voorlopige aanslagen inkomstenbelasting zijn opgelegd kunnen deze weer worden teruggedraaid.




8. Beperking van onbelast te geven vergoedingen
Als gevolg van het Belastingplan 2008 kunnen kosten voor ziekte, invaliditeit en bevalling per 1 januari 2009 - voor zover die niet worden gedekt door de zorgverzekeraar - niet langer onbelast door de werkgever worden vergoed. Aangezien deze nieuwe belastingmaatregel pas volgend jaar ingaat, strekt het tot de aanbeveling dat werkgevers die bijzonder ziektekosten van medewerkers willen vergoeden dat nog in 2008 doen.



9. Limitering OZB-tarief afgeschaft
Er is de laatste maanden al veel over geschreven: De Eerste Kamer is akkoord gegaan met het loslaten van de gemeentelijke tarieven voor onroerendezaakbelasting (OZB). Dat heeft niet alleen gevolgen voor particulieren, maar ook voor ondernemers. Gemeenten mogen vanaf 2008 zelf de hoogte van de tarieven vaststellen. Met name de met ingang van 2008 jaarlijks plaatsvindende waardevaststellingen, verdienen bijzondere aandacht. Deze zijn immers niet alleen van belang voor het eigen woningforfait, maar ook voor afschrijving op vastgoed door ondernemers.




10. Einde ondernemerschap btw voor dga
De directeur/grootaandeelhouder wordt voortaan niet langer als btw-ondernemer gezien op basis van zijn aandelenbelang in zijn bv. Dat is een gevolg van een uitspraak van het Europese Hof van Justitie uit oktober. Deze uitspraak heeft grote impact voor de praktijk. Een dga dient zich te laten uitschrijven als ondernemer voor de btw en heeft daardoor geen recht meer op aftrek van btw. Aan de andere kant zou de beëindiging van het ondernemerschap ook positief kunnen uitwerken voor de dga. Wellicht dat bedrijfsmiddelen vrij van btw-heffing naar privé kunnen worden gehaald. Voor de btw-praktijk is dit echter nog een onduidelijke overgangssituatie. Want moet de dga btw die hij/zij in de achterliggende vijf jaren heeft teruggevorderd alsnog aan de fiscus terugbetalen? Het wachten is op nadere regels van de Belastingdienst.



11. Verruiming vrijstelling BPM buitenlands kenteken
Nederlanders die een bedrijf in het buitenland hebben, daarvan aandeelhouder of bestuurder zijn, kunnen onder bepaalde voorwaarden vrijstelling krijgen van het betalen van BPM over hun buitenlandse auto. Zo zien we bijvoorbeeld in Twente en de Achterhoek regelmatig Nederlanders rondrijden in een auto met Duitse kentekenplaat. Voorheen was het zo, dat vrijgestelde ondernemers en leidinggevenden alleen met hun in het buitenland geregistreerde auto of motor volgens de meest directe route van hun woning naar hun werk mochten rijden. Andere gezinsleden mochten de auto niet besturen. Met ingang van 1 maart 2007 zijn de gebruiksvoorwaarden veranderd. Voor zelfstandigen geldt nu als voorwaarde dat het voertuig blijkens een kilometerregistratie voor ten minste 50% zakelijk in het buitenland moet worden gebruikt. Het woon-werkverkeer blijft daarbij geheel buiten beschouwing.